ECLI:NL:RVS:2016:3454
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- J.J. van Eck
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingseis aanwezigheid leidinggevende in slijtlokaliteit volgens Drank- en Horecawet
De zaak betreft een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant over handhaving van de Drank- en Horecawet. De burgemeester van Schijndel had een verzoek van de SlijtersUnie afgewezen om handhavend op te treden tegen een borrelshop die zonder leidinggevende geopend was. De rechtbank oordeelde dat de inrichting alleen de slijterij omvatte en dat het ontbreken van een leidinggevende in die ruimte een overtreding was.
De burgemeester, de exploitanten van de borrelshop en de vereniging CBL stelden in hoger beroep dat de supermarkt ook tot de inrichting behoort en dat de leidinggevende daarom elders in het pand aanwezig mocht zijn. Ook betoogden zij dat de SlijtersUnie geen belanghebbende was en dat het relativiteitsvereiste vernietiging van het besluit in de weg stond.
De Afdeling oordeelde dat de inrichting volgens de wet alleen de besloten ruimten omvat waarin het slijtersbedrijf wordt uitgeoefend, in dit geval de slijtlokaliteit van 28 m2. De supermarkt maakt daar geen deel van uit. De aanwezigheid van een leidinggevende in de supermarkt voldoet niet aan de eis van artikel 24, eerste lid, van de Drank- en Horecawet. De SlijtersUnie is wel belanghebbende omdat zij opkomt voor het collectieve belang van zelfstandige slijterijen. Het relativiteitsvereiste staat vernietiging niet in de weg omdat het gelijkheidsbeginsel wordt geschonden door ongelijke handhaving. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.