ECLI:NL:RVS:2014:4487
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Intrekking erkenning RDW wegens onvoldoende medewerking aan steekproefcontrole
De RDW heeft op 20 maart 2013 de erkenning van de wederpartij voor het uitvoeren van periodieke keuringen van voertuigen tot 3500 kg voor zes weken ingetrokken wegens onvoldoende medewerking aan een steekproefcontrole. De voorzieningenrechter had dit besluit vernietigd en het beroep van de wederpartij gegrond verklaard.
De Raad van State oordeelt dat de erkenninghouder niet alle medewerking heeft verleend, zoals vereist in artikel 31, vijfde lid, van de Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK. De steekproefcontroleur constateerde een gebrek aan het voertuig en gaf aan dat herstel mogelijk was waarna het keuringsrapport aangepast zou worden. De erkenninghouder bracht echter zonder toestemming wijzigingen aan in het steekproefcontrolerapport en hield dit rapport achter, wat de RDW terecht als onvoldoende medewerking kwalificeert.
De Raad van State stelt vast dat de RDW bevoegd was de erkenning in te trekken op grond van artikel 87, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Het beroep van de RDW wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd en het beroep van de wederpartij ongegrond verklaard. De sanctie van zes weken intrekking wordt als proportioneel en passend beoordeeld, mede gelet op het toezichtbeleid van de RDW.
Er wordt geen aanleiding gezien tot proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 10 december 2014.
Uitkomst: De intrekking van de erkenning voor zes weken wegens onvoldoende medewerking aan steekproefcontrole wordt bevestigd.