ECLI:NL:RVS:2014:2751
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J. Hoekstra
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtsgevolgen handhavingsbesluit mesthandel Texel ondanks bestemmingsplanwijziging
De vereniging Tien voor Texel verzocht het college van burgemeester en wethouders van Texel handhavend op te treden tegen het exploiteren van een transportbedrijf/mesthandel met een mestzak op een perceel te Oudeschild in strijd met het bestemmingsplan. Het college wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Alkmaar en later de rechtbank Noord-Holland vernietigden deze besluiten omdat er geen concreet zicht op legalisering bestond.
De rechtbank handhaafde echter de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit, omdat inmiddels een nieuw bestemmingsplan was vastgesteld dat de exploitatie mogelijk maakte. Tien voor Texel stelde dat dit bestemmingsplan in strijd was met een provinciale verordening en dat de rechtbank ten onrechte niet had onderzocht of het bestemmingsplan in stand kon blijven.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank dit had moeten betrekken bij haar beoordeling en vernietigde het deel van het vonnis dat de rechtsgevolgen in stand hield. Vervolgens stelde de Afdeling vast dat het bestemmingsplan inmiddels in werking was getreden en de exploitatie niet langer in strijd was met het bestemmingsplan, waardoor de rechtsgevolgen alsnog in stand konden blijven.
Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan Tien voor Texel. De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige toetsing van bestemmingsplannen bij handhavingsprocedures en de rechtsgevolgen daarvan.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het vernietigde handhavingsbesluit blijven in stand en het college wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.