ECLI:NL:RVS:2014:4509
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing handhaving buitenopslag bouwmaterialen te Volkel
Het college van burgemeester en wethouders van Uden weigerde handhavend op te treden tegen de buitenopslag van bouwmaterialen op een perceel te Volkel, wat in strijd is met het bestemmingsplan. Na bezwaar en beroep stelde de rechtbank het college in het gelijk, maar vernietigde een eerder besluit vanwege gebrekkige motivering.
De appellant stelde dat het college onrechtmatig handelde door een last onder dwangsom op te leggen terwijl een eerdere bestuursdwang nog niet was uitgewerkt, en dat handhaving onevenredig was vanwege een gedoogovereenkomst en concreet zicht op legalisering. De Afdeling oordeelde dat de bestuursdwang uit 2002 was uitgewerkt en dat het vertrouwensbeginsel niet opweegt tegen het algemeen belang bij handhaving. Ook was er geen concreet zicht op legalisering, omdat de noodzakelijke voorwaarden uit het ontwerpbestemmingsplan niet waren gerealiseerd.
Het beroep van de wederpartij tegen een besluit van het college om niet te handhaven werd gegrond verklaard vanwege onvoldoende motivering en het besluit vernietigd. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De Afdeling bevestigde daarmee de eerdere uitspraak en onderstreepte het belang van zorgvuldige motivering en het algemeen belang bij handhaving van bestemmingsplannen.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard, het beroep van wederpartij gegrond en het besluit van het college van 28 mei 2014 vernietigd.