ECLI:NL:RVS:2014:154
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake kinderopvangtoeslag voorschotten 2010-2011
De Belastingdienst/Toeslagen heeft bij besluiten van 31 augustus 2012 de voorschotten kinderopvangtoeslag voor 2010 en 2011 voor de wederpartij op nihil gesteld. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van de wederpartij gegrond en vernietigde het besluit van 6 november 2012, waarbij het bezwaar ongegrond was verklaard.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de Belastingdienst niet mocht tegenwerpen dat de overeenkomsten niet voldeden aan de eisen van artikel 11, derde lid, aanhef en onder c, van de Regeling Wet kinderopvang. De overeenkomsten bevatten niet alle vereiste gegevens, zoals het uurtarief en de adresgegevens van de kinderen, en de wederpartij heeft geen verklaring gegeven voor de tegenstrijdige overeenkomsten.
De Raad stelt dat alleen aanspraak op kinderopvangtoeslag bestaat indien de opvang plaatsvond op basis van een schriftelijke overeenkomst die aan alle gestelde eisen voldoet. Daarom heeft de Belastingdienst terecht het standpunt ingenomen dat er geen aanspraak bestaat op voorschot kinderopvangtoeslag voor 2010 en 2011. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de wederpartij ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de wederpartij tegen het besluit van de Belastingdienst wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.