Uitspraak
201100003/1/H1, maar heeft volgens [appellant] miskend dat die uitspraak ziet op een voortdurende overtreding, terwijl het in deze zaak niet gaat om een voortdurende overtreding. De sluiting van de winkel heeft geen redelijk doel, omdat de winkel feitelijk reeds vanaf 27 mei 2010 was gesloten en klanten aldus voor een dichte deur stonden en niet meer zullen terugkeren naar de winkel. Voorts is de sluiting vanwege het tijdsverloop en het reeds bereikt zijn van het doel, te weten het beëindigen van de aantrekkingskracht van de winkel op handelaren en gebruikers van verdovende middelen, van een reparatoire sanctie tot een punitieve verworden. Omdat hij geen schuld heeft aan de overtredingen, mag hem geen punitieve sanctie worden opgelegd, aldus [appellant]. Ter ondersteuning van zijn betoog verwijst hij naar de uitspraak van de Afdeling van 8 september 2010 in zaak nr.
200910265/1/H3en die van 25 oktober 2006 in zaak nr.
200600100/1.
200904153/1/H3 en 200904153/2/H3.