ECLI:NL:RVS:2012:BW3077
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Verzoek om prejudiciële beslissing over bescherming homoseksuele asielzoekers onder EU-richtlijn
De minister wees een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van het asielrelaas, ondanks de erkende homoseksuele gerichtheid van de vreemdeling. De voorzieningenrechter vernietigde dit besluit, stellende dat de minister onvoldoende had gemotiveerd of sprake was van vervolging op grond van seksuele gerichtheid volgens het Vluchtelingenverdrag en de EU-richtlijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelt het hoger beroep en constateert onduidelijkheid over de uitleg van de richtlijn 2004/83/EG, met name over de vraag of homoseksuele vreemdelingen een specifieke sociale groep vormen en welke mate van openheid en terughoudendheid van hen verwacht mag worden in hun land van herkomst.
De Afdeling stelt prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie over deze kwesties, waaronder de reikwijdte van de bescherming, de definitie van het kerngebied van seksuele gerichtheid, en of de strafbaarstelling van homoseksuele handelingen in Uganda als vervolging kwalificeert.
De behandeling van het hoger beroep wordt geschorst totdat het Hof uitspraak heeft gedaan, waarmee de Afdeling de rechtszekerheid wil waarborgen bij de beoordeling van asielaanvragen van homoseksuele vreemdelingen.
Uitkomst: De behandeling van het hoger beroep wordt geschorst en prejudiciële vragen worden gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.