ECLI:NL:RVS:2011:BP8747
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W. Sorgdrager
- C. Sparreboom
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar wijziging tenaamstelling last onder dwangsom
Het college van burgemeester en wethouders van Emmen legde op 2 juni 2010 aan appellant A lasten onder dwangsom op voor het beëindigen van gestort aardappelafval en andere stoffen op twee locaties. Later corrigeerde het college deze besluiten door bij brieven van 30 juli 2010 de tenaamstelling te wijzigen naar appellante B, de eigenares van de percelen. Het college verklaarde de bezwaren tegen deze wijziging niet-ontvankelijk, omdat het geen besluit zou betreffen.
De Raad van State oordeelt dat de wijziging van de tenaamstelling wel een besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, omdat het gevolgen heeft voor de verbeurte van de dwangsom en het een publiekrechtelijke rechtshandeling betreft. Het college heeft de bezwaren ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard en het besluit van 10 augustus 2010 wordt vernietigd.
Tegelijkertijd is het bezwaar tegen de oorspronkelijke besluiten van 2 juni 2010 niet tijdig ingediend, aangezien de bezwaartermijn op 16 juli 2010 was verstreken en het bezwaar pas op 30 juli 2010 werd ingediend. Het beroep tegen het besluit van 4 augustus 2010 dat deze bezwaren niet-ontvankelijk verklaarde, wordt daarom ongegrond verklaard.
De Raad van State veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant A en appellante B. De uitspraak benadrukt het belang van correcte tenaamstelling in bestuursrechtelijke besluiten en de juiste behandeling van bezwaren.
Uitkomst: Het besluit tot niet-ontvankelijkheid van het bezwaar tegen de wijziging van de tenaamstelling wordt vernietigd, het bezwaar tegen de oorspronkelijke besluiten is niet tijdig ingediend.