Uitspraak
200501845/1heeft de Afdeling voormeld besluit vernietigd.
Raad van State
Verweerder heeft aan de vergunninghoudster een revisievergunning verleend voor een inrichting voor het op- en overslaan en bewerken van diverse afvalstoffen, inclusief metaalbewerkingsactiviteiten en transport, gelegen in een gemeente. Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het besluit van 29 juni 2006, na vernietiging van een eerder besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het beroep inhoudelijk behandeld en geoordeeld dat de aanvraag niet als nieuw kan worden beschouwd, waardoor de inzagetermijn volgens het oude recht geldt. Verder is vastgesteld dat de inrichting niet valt onder de categorie van grote lawaaimakers waarvoor de vergunning moet worden aangehouden. De bekendmaking van het ontwerpbesluit is voldoende zorgvuldig verlopen, ondanks een korte periode zonder publicatiebord.
De Afdeling heeft de milieuvoorschriften, waaronder maatregelen tegen stofverspreiding en asbest, als passend beoordeeld. Ook de geluidnormen, inclusief die voor het gebruik van een shovel en een puinbreker, zijn getoetst aan richtlijnen en onderzoeksrapporten en als toereikend en naleefbaar aangemerkt. Ten aanzien van luchtkwaliteit is vastgesteld dat de grenswaarden uit het Besluit luchtkwaliteit 2005 niet worden overschreden. Visuele hinder is niet zodanig dat weigering van de vergunning noodzakelijk is. Het beroep is ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de revisievergunning is ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.