ECLI:NL:RVS:2006:AX4420
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Weigering vergunning exploitatie seksinrichting wegens ernstig gevaar strafbare feiten
De burgemeester van Den Haag weigerde op 23 februari 2005 een vergunning voor de exploitatie van een seksinrichting aan appellant B, gebaseerd op artikel 95h van de Algemene Politieverordening 's-Gravenhage en de Wet BIBOB. De burgemeester volgde het advies van het Landelijk Bureau BIBOB, dat een ernstig gevaar zag dat de vergunning zou worden gebruikt om strafbare feiten te plegen.
Appellanten exploiteren een kamerverhuurbedrijf en hebben een zakelijk samenwerkingsverband met Zierico B.V., waarvan de dochter bestuurder en grootaandeelhouder is. Uit onderzoek bleek dat Zierico B.V. en de dochter betrokken waren bij strafbare feiten, waaronder witwaspraktijken en vermoedens van belastingfraude. De burgemeester stelde vast dat dit verband een ernstig risico vormde.
De rechtbank bevestigde de weigering en oordeelde dat het begrip zakelijk samenwerkingsverband correct was toegepast. Appellanten voerden aan dat het vermoeden van belastingfraude niet meer actueel was, maar de Raad van State vond dat de veroordeling van de dochter voor witwassen voldoende was om het ernstig gevaar te onderbouwen.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de weigering van de vergunning. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de vergunning wegens ernstig gevaar dat de vergunning zal worden gebruikt voor strafbare feiten.