ECLI:NL:RVS:2004:AQ5731
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.M. van Angeren
- M. Oosting
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning genetisch gemodificeerde aardappelplanten wegens onvoldoende milieurisicobeoordeling
De staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer verleende op 10 december 2002 een vergunning aan AVEBE voor veldproeven met genetisch gemodificeerde aardappelplanten met het kzg-gen. Appellanten, waaronder Greenpeace Nederland, stelden beroep in tegen dit besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het beroep van appellanten sub 1 niet-ontvankelijk was voor zover het betrekking had op de monitoring van de activiteiten, omdat zij daartegen geen bedenkingen hadden ingebracht bij het ontwerpbesluit. Voor het overige waren de beroepen gegrond.
De Raad stelde vast dat de milieurisicobeoordeling niet voldoende zorgvuldig was uitgevoerd en niet alle risico’s waren onderzocht en afgewogen conform de criteria uit bijlage II van Richtlijn 2001/18/EG. Hierdoor was het besluit in strijd met de Algemene wet bestuursrecht, met name de artikelen 3:2 en 3:46. Het besluit werd vernietigd en de staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening voor genetisch gemodificeerde aardappelplanten wordt vernietigd wegens onvoldoende milieurisicobeoordeling.