Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 23 juni 2026 in de zaak tussen
[eiseres] V.O.F., [eiser] en Hoevenberg B.V., allen uit Goirle, eisers
Zonnepark Beeksedijk B.V., uit Lijnden, vergunninghoudster
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Goirle om een omgevingsvergunning te verlenen voor de realisatie van een zonnepark aan de [straat] in Goirle. De aanvraag dateert van 4 juni 2020 en betreft een zonnepark van circa zes hectare op agrarische gronden met een vergunningduur van 25 jaar.
Eisers voerden aan dat de aanvraag op grond van de Omgevingswet beoordeeld had moeten worden, dat het zonnepark in een verbreed beekdal ligt, dat de zonneladder niet correct is doorlopen, dat het project niet voldoet aan bestemmingsplanregels omtrent ecologische verbindingszones, en dat het plan het waardevolle beeklandschap, natuurwaarden, bedrijfsvoering en woonklimaat onevenredig aantast. Tevens werd aangevoerd dat het college onvoldoende uitvoering gaf aan een eerdere vernietigende uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak.
De rechtbank oordeelt dat de aanvraag terecht op grond van de Wabo is beoordeeld omdat deze voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet is ingediend. De aanvullingen op de aanvraag zijn ondergeschikt en wijzigden de aanvraag niet wezenlijk. Het college heeft de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak correct in acht genomen en een eigen afweging gemaakt binnen de geldende kaders.
De rechtbank stelt vast dat het zonnepark niet in een verbreed beekdal ligt volgens het aangepaste beleid, dat de zonneladder uit de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant voldoende is doorlopen en gemotiveerd, en dat het project voldoet aan de afstandseisen tot ecologische verbindingszones. De stellingen over onevenredige aantasting en ontbrekend landbouwonderzoek zijn onvoldoende onderbouwd. Het college heeft in redelijkheid kunnen besluiten dat het zonnepark niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het zonnepark wordt ongegrond verklaard en de vergunning wordt bevestigd.