Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 3 maart 2026 van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser,
Samenvatting
Feiten en omstandigheden
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
“Om te voorkomen dat personen waarvan het recht op ziekengeld op grond van artikel 19aa, eerste lid, van de ZW is geëindigd de wachttijd van de Wet WIA wel vol maken op grond van artikel 23, tweede lid, onderdeel b, doordat ze wel gedurende 104 weken ongeschikt tot het verrichten van hun arbeid blijven, wordt aan het vijfde lid van artikel 23 toegevoegd Pro dat perioden waarin geen recht op ziekengeld bestond, omdat dit op grond van artikel 19aa, eerste lid, is geëindigd, niet meetellen voor de wachttijd van de Wet WIA. Hiermee wordt voorkomen dat personen van wie reeds is vastgesteld dat ze minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn, en dus niet in aanmerking komen voor een uitkering op grond van de Wet WIA, wederom beoordeeld moeten worden.”