Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Overschrijding redelijke termijn
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden op het voetpad in de Nieuwlandstraat te Tilburg op 9 mei 2022. Betrokkene voerde aan dat de verkeerssituatie onduidelijk was en dat het niet redelijk was een boete op te leggen. De officier van justitie handhaafde de boete, maar betrokkene ging in beroep bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat en dat sinds 3 november 2021 de bebording ter plaatse voldoende duidelijk is. De boete is daarom terecht opgelegd. Wel werd vastgesteld dat de officier van justitie de hoorplicht heeft geschonden door betrokkene geen gelegenheid te geven gehoord te worden, wat leidt tot vernietiging van diens beslissing. Daarnaast was de redelijke termijn van behandeling overschreden.
Daarom werd het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard en de boete met 50% gematigd (tweemaal 25% vanwege hoorplichtschending en termijnoverschrijding). De officier van justitie moet het teveel betaalde bedrag terugbetalen. De uitspraak werd gedaan op 25 juni 2025 door kantonrechter M.A.V. van Aardenne.
Uitkomst: Het beroep is gedeeltelijk gegrond verklaard en de boete is gematigd tot € 84,37 plus administratiekosten.