Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 226,75
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden op het voetpad op de Visserstraat te Breda op 18 december 2022. Betrokkene stelde dat door wegwerkzaamheden en het ontbreken van duidelijke omleidingsborden geen andere keuze was en dat de boete onterecht was opgelegd.
De rechtbank oordeelt op basis van foto’s en het dossier dat de gedraging heeft plaatsgevonden en dat de locatie duidelijk als voetgangersgebied is gemarkeerd met passende bebording en bestrating. Hierdoor is de boete terecht opgelegd.
Echter is de redelijke termijn voor behandeling van het beroep overschreden, aangezien de boete op 28 maart 2023 werd opgelegd en de procedure langer dan twee jaar duurde. Daarom wordt de boete met 25% gematigd.
De officier van justitie wordt opgedragen het teveel betaalde bedrag terug te betalen en wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €453,50, gerelateerd aan de termijnoverschrijding.
De uitspraak is gedaan door kantonrechter M. Breeman op 13 mei 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gedeeltelijk gegrond verklaard en de boete wordt met 25% gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn.