ECLI:NL:RBZWB:2025:2837
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM na geschil over waardering en afschrijving Audi Q5
Belanghebbende deed op 22 maart 2021 aangifte BPM voor een Audi Q5 en betaalde € 4.395. De inspecteur legde een naheffingsaanslag van € 5.227 op, gebaseerd op een hogere waardering van het voertuig dan door belanghebbende werd gesteld. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze aanslag, dat door de inspecteur werd afgewezen.
De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat de herleidingsmethode niet toepasbaar was en dat de afschrijving moest worden bepaald aan de hand van een koerslijst. De rechtbank verwierp de koerslijst van Eurotax vanwege afwijkingen in de historische nieuwprijs en accepteerde de koerslijst van Xray, waarmee de handelsinkoopwaarde op € 45.014 werd vastgesteld. De historische nieuwprijs werd vastgesteld op € 124.471, leidend tot een verschuldigde BPM van € 9.507.
Na verrekening van reeds betaalde BPM werd de naheffingsaanslag verminderd tot € 5.112. Daarnaast kende de rechtbank belanghebbende een immateriële schadevergoeding van € 2.000 toe wegens overschrijding van de redelijke termijn van 20 maanden. De inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten van in totaal € 3.292 aan belanghebbende.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot € 5.112 en belanghebbende ontvangt een immateriële schadevergoeding van € 2.000.