Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene] B.V.
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete voor het rijden op het voetpad in de Nieuwlandstraat te Tilburg op 24 november 2021. De kantonrechter oordeelt dat de verkeerssituatie in drie periodes moet worden beoordeeld. In de eerste periode (juli-augustus 2021) ontbrak een vooraankondiging, waardoor boetes onterecht waren. In de tweede periode (10 september tot 3 november 2021) was de situatie formeel duidelijk, maar door wegwerkzaamheden en onduidelijke bebording niet redelijk om boetes op te leggen. In de derde periode (vanaf 3 november 2021) was de situatie voldoende duidelijk en boetes terecht opgelegd.
De kantonrechter constateert een overschrijding van de redelijke termijn met 6 maanden, waardoor de boete met 25% wordt gematigd. Ook wordt een proceskostenvergoeding toegekend voor de fase bij de kantonrechter. Het beroep wordt daarom gedeeltelijk gegrond verklaard, de boete gematigd tot € 112,50 plus administratiekosten, en een bedrag van € 37,50 terugbetaald aan betrokkene.
Uitkomst: Beroep gedeeltelijk gegrond, boete gematigd tot € 112,50 plus administratiekosten en proceskostenvergoeding toegekend.