ECLI:NL:RBZWB:2023:7895
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering terugkomen op Wajong-besluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Eiseres heeft in 2010 en 2013 aanvragen gedaan voor een Wajong-uitkering, waarbij het UWV haar verzoeken heeft afgewezen. In 2022 diende zij een nieuwe aanvraag in met aanvullende medische stukken, waaronder een verslag van een orthopeed. Het UWV weigerde terug te komen op het eerdere besluit van 2014, omdat er volgens hen geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die dit rechtvaardigden.
De rechtbank heeft beoordeeld of het UWV terecht heeft geweigerd terug te komen op het besluit. Daarbij is overwogen dat nieuwe feiten of omstandigheden moeten zijn ontstaan na het eerdere besluit, of dat bewijsstukken niet eerder konden worden overgelegd. De medische stukken die eiseres aanvoerde, betroffen grotendeels perioden vóór het eerdere besluit of bevatten geen nieuwe medische informatie.
De rechtbank concludeert dat het UWV zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat er geen sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden. De weigering om terug te komen op het besluit is niet evident onredelijk. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het UWV hoeft niet terug te komen op het besluit van 6 februari 2014.