ECLI:NL:RBZWB:2023:6403
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herzieningsverzoek Wajong-uitkering afgewezen wegens ontbreken nieuwe feiten en onvolledige Amberbeoordeling
Eiser heeft in 2012 een Wajong-uitkering aangevraagd die werd afgewezen omdat hij volgens het UWV 75% van het minimumloon kon verdienen. Na meerdere aanvragen en bezwaren wees het UWV ook het verzoek tot herziening van het besluit af, stellende dat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren en dat geen sprake was van toegenomen arbeidsongeschiktheid binnen vijf jaar na de initiële beoordeling.
De rechtbank beoordeelde dat het UWV terecht het toetsingskader van de Wajong 2010 hanteerde en dat de medische stukken die eiser overlegde geen nieuwe feiten bevatten die aanleiding geven tot herziening. De verzekeringsarts concludeerde dat de beperkingen van eiser, waaronder het syndroom van Asperger, al in 2012 juist waren vastgesteld en dat er geen toename van arbeidsongeschiktheid was.
Wel oordeelde de rechtbank dat de UWV-beoordeling inzake de Amberbeoordeling, die ziet op de periode van vijf jaar na het einde van de studie van eiser, niet volledig was. De verzekeringsartsen hadden deze beoordeling niet gemaakt, waardoor het besluit op dit punt een motiverings- en zorgvuldigheidsgebrek vertoonde.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond voor dit onderdeel en gaf het UWV de gelegenheid het gebrek te herstellen binnen acht weken. Indien het UWV dit nalaat, moet het dit binnen twee weken melden aan de rechtbank. De verdere beslissing, waaronder over proceskosten, blijft aangehouden tot de einduitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard voor de Amberbeoordeling en het UWV krijgt de gelegenheid het besluit te herstellen; het overige wordt afgewezen.