ECLI:NL:RBZWB:2023:3914
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herstel van recht op IVA-uitkering met verkorte wachttijd wegens onvoldoende onderbouwing UWV
Eiser, een 53-jarige man met diverse medische aandoeningen, waaronder levercirrose, autisme en depressieve stoornis, vroeg om een WIA-uitkering met verkorte wachttijd. Het UWV wees deze aanvraag af omdat eiser niet volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zou zijn per 10 mei 2021, de datum in geding.
De rechtbank oordeelt dat het UWV onvoldoende heeft onderbouwd dat verbetering van de belastbaarheid van eiser op die datum niet was uitgesloten. De medische rapporten ontbraken aan concrete en deugdelijke waardering van de individuele situatie, met name over mogelijke behandelingen en herstelkansen. De verzekeringsarts b&b gaf aan dat verbetering niet was uitgesloten, maar zonder specifieke onderbouwing.
Gezien het feit dat eiser na afloop van de reguliere wachttijd wel een IVA-uitkering is toegekend en de ernst van het ziektebeeld, ziet de rechtbank geen aanleiding het UWV de gelegenheid te geven het gebrek te herstellen. Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen. Eiser krijgt met ingang van 10 mei 2021 recht op een IVA-uitkering. Daarnaast moet het UWV griffierecht en proceskosten aan eiser vergoeden.
Uitkomst: Eiser krijgt met ingang van 10 mei 2021 recht op een IVA-uitkering en het UWV moet het besluit herroepen.