ECLI:NL:RBZWB:2021:3421
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar en afwijzing ambtshalve vermindering belastingaanslagen 2010 en 2011
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2010 en 2011, maar diende dit bezwaar pas in augustus 2020 in, lang na het verstrijken van de wettelijke bezwaartermijn van zes weken. De inspecteur verklaarde het bezwaar daarom niet-ontvankelijk. Belanghebbende voerde aan dat zijn curator hem niet op de hoogte had gesteld van de aanslagen, maar de rechtbank oordeelde dat het verzuim van de curator voor rekening van belanghebbende komt en dat er geen verschoonbare termijnoverschrijding is.
Daarnaast wees de inspecteur het verzoek om ambtshalve vermindering van de aanslagen af wegens overschrijding van de vijfjaarstermijn. Omdat partijen instemden met het overslaan van de bezwaarfase, kon beroep worden ingesteld tegen deze beslissing. De rechtbank bevestigde dat het verzoek terecht werd afgewezen omdat ook hier geen sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter Bastiaansen op 9 juli 2021 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de belastingaanslagen is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek tot ambtshalve vermindering is afgewezen wegens termijnoverschrijding.