ECLI:NL:RBZWB:2021:2279
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen terugvordering Tozo-uitkering wegens termijnoverschrijding
Eiser vroeg op 30 maart 2020 een bijstandsuitkering bedrijfskapitaal en levensonderhoud aan op grond van de Tozo. Het college kende aanvankelijk een uitkering toe met terugwerkende kracht vanaf 1 maart 2020 voor drie maanden. Later herzag het college dit besluit en wees de aanvraag voor bedrijfskapitaal af en vorderde de levensonderhoudsuitkering terug.
Eiser diende een bezwaarschrift in op 11 november 2020, nadat de bezwaartermijn was verstreken. Hij gaf aan dat zijn boekhouder door ziekte niet tijdig bezwaar had kunnen indienen. De rechtbank oordeelde dat eiser zelf verantwoordelijk is voor tijdige indiening, ook als hij de Nederlandse taal niet goed beheerst of een derde inschakelt.
De rechtbank concludeerde dat het college het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard wegens onverschoonbare termijnoverschrijding. Het beroep werd ongegrond verklaard, waardoor inhoudelijke behandeling achterwege bleef. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wegens onverschoonbare termijnoverschrijding.