ECLI:NL:RBZWB:2017:5072
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Aanwijzing derde plaats van tewerkstelling niet in strijd met EU-richtlijn en gelijkheidsbeginsel
Eiser betwistte de aanwijzing van een derde plaats van tewerkstelling door de korpschef en stelde dat dit in strijd was met Richtlijn 2003/88/EG en het gelijkheidsbeginsel. Tevens vorderde hij vergoeding van proceskosten. De rechtbank overwoog dat artikel 10, lid 1, onder d, van het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp) meerdere tewerkstellingsplaatsen toestaat.
De rechtbank stelde vast dat eiser een vaste werkplek heeft en vooraf zijn rooster kent, waardoor zijn situatie afwijkt van de werknemers in het Tyco-arrest van het Hof van Justitie. De aanwijzing van de derde werkplek leidt niet tot strijd met de richtlijn, mede omdat de reistijd beperkt is en niet op één dag meerdere werkplekken worden bezocht.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat eiser niet aannemelijk maakte dat hij in gelijke gevallen verkeerde met collega’s van de vreemdelingenpolitie of hulpofficieren van justitie. De rechtbank wees ook de proceskostenvergoeding af omdat het primaire besluit niet werd herroepen. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanwijzing van een derde plaats van tewerkstelling wordt ongegrond verklaard.