ECLI:NL:CRVB:2015:2744
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking persoonsgebonden budget wegens onvoldoende verantwoording
Het Zorgkantoor heeft het persoonsgebonden budget (pgb) van [naam 2] ingetrokken omdat niet de juiste gegevens werden verstrekt voor een intensieve controle over de periode 21 maart 2008 tot 30 juni 2008. Hoewel appellanten betoogden dat alle gevraagde stukken uiteindelijk zijn ingediend en dat [naam 1] de zorgverlener was, constateerde de Raad dat de ingediende stukken onderling inconsistent waren en geen deugdelijke verantwoording vormden.
De rechtbank had geoordeeld dat het Zorgkantoor niet verplicht was [naam 2] te horen voorafgaand aan het besluit, en dat de bezwaren tegen het besluit ongegrond waren. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en stelt vast dat een eventuele schending van de hoorplicht niet tot belangenverlies heeft geleid, mede omdat in bezwaar gelegenheid tot horen is gegeven.
Verder is vastgesteld dat het Zorgkantoor bevoegd was het pgb in te trekken op grond van de Regeling subsidies AWBZ, omdat de verzekerde niet voldeed aan de opgelegde verplichtingen. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het verbod van willekeur faalt vanwege het ontbreken van concrete onderbouwing. Het hoger beroep wordt afgewezen en de intrekking van het pgb blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de intrekking van het persoonsgebonden budget blijft gehandhaafd.