ECLI:NL:RBUTR:2008:BF3230
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid tussenpersoon en zorgplicht bij effectenleaseovereenkomst
Eiser sloot in 1999 een effectenleaseovereenkomst met Defam, waarbij hij belegd met geleend geld en rente betaalde. Na afloop ontstond een restschuld. Eiser vorderde vernietiging van de overeenkomst wegens dwaling en bedrog, en schadevergoeding wegens schending van zorgplicht door Defam en Afab.
De rechtbank oordeelde dat dwaling en bedrog onvoldoende waren gesteld, maar dat Defam haar zorgplicht had geschonden door onvoldoende te waarschuwen voor risico's van restschuld en onvoldoende te toetsen of het product bij eiser paste. Afab werd als financieel adviseur aangemerkt en aansprakelijk gehouden wegens onvoldoende informatieverstrekking en onzorgvuldig advies.
De schade werd begroot op het betaalde rente- en restschuldbedrag, waarbij 70% voor rekening van Defam en 80% voor Afab kwam, met een eigen schuld van eiser. Fortis Bank werd niet aansprakelijk gehouden. De rechtbank veroordeelde Defam en Afab hoofdelijk tot betaling van schadevergoeding en rente, en legde proceskostenveroordelingen op.
Uitkomst: Defam en Afab zijn aansprakelijk voor schending van zorgplicht en moeten eiser schadevergoeding en rente betalen, terwijl vorderingen tegen Fortis Bank worden afgewezen.