ECLI:NL:RBSGR:2010:BO2004
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ontbreken documenten en onvoldoende overtuigingskracht
Eiser, een Afghaanse minderjarige, vroeg asiel aan na bedreiging door een gewapende man bij zijn ouders. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser geen reis- en identiteitsdocumenten kon overleggen en zijn verhaal onvoldoende overtuigend was. De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van documenten aan eiser toe te rekenen is, ook gezien zijn leeftijd van zestien jaar bij inreis.
Het vluchtmotief was gebaseerd op één incident zonder concrete aanwijzingen voor vervolging of beschermingstekort. De rechtbank volgde het standpunt van verweerder dat het relaas geen positieve overtuigingskracht had. Ook werd geen sprake geacht van een binnenlands gewapend conflict dat bescherming zou rechtvaardigen.
De procedure duurde ruim twee jaar, wat de redelijke termijn overschreed. De rechtbank kende eiser een immateriële schadevergoeding van € 500 toe wegens de spanning en frustratie die dit veroorzaakte. Het beroep werd gegrond verklaard vanwege deze vergoeding, maar het bestreden besluit werd vernietigd met instandhouding van de rechtsgevolgen.
Verweerder werd tevens veroordeeld tot betaling van proceskosten. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Beroep ongegrond behalve toekenning schadevergoeding van € 500 wegens overschrijding redelijke termijn; bestreden besluit vernietigd met instandhouding rechtsgevolgen.