ECLI:NL:RBROT:2026:2808
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens vermeende overtreding dierenwelzijn Wet dieren niet gehandhaafd wegens onvoldoende bewijs
De zaak betreft een bestuurlijke boete van € 2.850,- opgelegd aan eiseres wegens het niet nemen van passende maatregelen ter verbetering van het dierenwelzijn bij vleeskuikens, gebaseerd op een rapport van de NVWA-toezichthouder.
Eiseres betwist de boete en wijst op een groot verschil tussen de bevindingen van de toezichthouder en die van het slachthuis, waarbij het rapport van de toezichthouder summier is en onvoldoende inzicht geeft in de wijze van constateren van ernstige voetzoollaesies (klasse 2).
De rechtbank oordeelt dat het rapport onvoldoende controleerbaar is en onvoldoende onderbouwing biedt voor de conclusie dat eiseres geen passende maatregelen heeft genomen. Het verschil in uitkomsten tussen de toezichthouder en het slachthuis is te groot om het rapport representatief te achten.
Daarom is het bewijs van overtreding niet geleverd en is de boete onrechtmatig opgelegd. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het boetebesluit, en veroordeelt verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt vernietigd en herroepen wegens onvoldoende bewijs van overtreding.