Uitspraak
[veroordeelde] ,
Feiten
Procedure
Bezwaar
Standpunt van de reclassering
Standpunt van het Openbaar Ministerie
Beoordeling
Beslissing
gegrond;
23 (drieëntwintig);
6 (zes)maanden na heden moet worden voltooid.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De politierechter heeft op 24 augustus 2023 een taakstraf van 38 uur opgelegd met vervangende hechtenis van 19 dagen bij niet-nakoming. Het Openbaar Ministerie besloot op 26 april 2024 tot toepassing van vervangende hechtenis, waarvan de kennisgeving op 14 juni 2024 aan de veroordeelde werd betekend. De veroordeelde diende op 19 juni 2024 bezwaar in tegen deze omzetting, stellende dat hij wegens miscommunicatie en persoonlijke omstandigheden niet aan afspraken kon voldoen en bereid is de resterende taakstraf alsnog te verrichten.
De reclassering rapporteerde dat de veroordeelde slechts 15 uur van de taakstraf had uitgevoerd en meerdere keren zonder berichtgeving niet was verschenen, waardoor de taakstraf als onuitvoerbaar werd beschouwd. De officier van justitie stelde zich op het standpunt dat het bezwaar gegrond verklaard moest worden.
De rechtbank constateerde dat de beslissing van het Openbaar Ministerie tot omzetting van taakstraf in vervangende hechtenis niet was ondertekend en gedagtekend door een bevoegde officier van justitie, waardoor de rechtskracht ontbrak. Dit is in lijn met eerdere jurisprudentie. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond, het bevel tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis vervallen en bepaalde dat de veroordeelde de resterende zes uren taakstraf binnen drie maanden dient te voltooien.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de omzetting van taakstraf in vervangende hechtenis wordt gegrond verklaard en de veroordeelde moet de resterende taakstraf alsnog verrichten.