ECLI:NL:RBROT:2019:6171
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Korting bezoldiging wegens langdurige arbeidsongeschiktheid niet onterecht
Eiseres is sinds 2002 werkzaam bij de Belastingdienst en was vanaf 6 september 2016 volledig arbeidsongeschikt. Verweerder heeft vanaf 6 september 2017 een korting van 30% op haar bezoldiging toegepast wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. Eiseres betoogt dat haar arbeidsongeschiktheid veroorzaakt is door bijzondere factoren in het werk, waardoor sprake zou zijn van een beroepsziekte gelijkgesteld aan een beroepsincident, wat korting op de bezoldiging uitsluit.
De rechtbank overweegt dat het aan eiseres is om aannemelijk te maken dat haar arbeidsongeschiktheid het gevolg is van objectief vast te stellen bijzondere en buitensporige werkomstandigheden. Hoewel eiseres verschillende situaties beschrijft waarin leidinggevenden haar beperkingen niet serieus namen en afspraken niet werden nagekomen, heeft zij geen bewijsstukken overgelegd die deze omstandigheden objectief onderbouwen.
De rechtbank concludeert dat eiseres niet heeft aangetoond dat haar arbeidsongeschiktheid gelijkgesteld kan worden met een beroepsziekte als bedoeld in het ARAR. De korting van 30% op haar bezoldiging is daarom terecht toegepast. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de korting van 30% op de bezoldiging wegens langdurige arbeidsongeschiktheid.