ECLI:NL:RBROT:2019:3498
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepen NS Reizigers tegen besluit handhaving Spoorwegwet niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang
NS Reizigers heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat waarin bezwaar van NS tegen een e-mail aan ProRail werd afgewezen en het verzoek om handhaving van artikel 9 van Pro de Spoorwegwet werd geweigerd. Het geschil betreft aanpassingen aan het spoorbaanvak Gouda - Alphen aan den Rijn, waar de frequentie werd verhoogd en nieuwe stations werden aangelegd.
De Staatssecretaris had op basis van een informele melding van ProRail geoordeeld dat geen sprake was van een vernieuwing of verbetering in de zin van artikel 9 van Pro de Spoorwegwet, zodat geen informatiedossier of vergunning vereist was. NS Reizigers betoogde dat ProRail alsnog een informatiedossier en vergunning moest indienen.
De rechtbank oordeelt dat NS Reizigers onvoldoende procesbelang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van de beroepen. NS heeft haar mogelijke belangen niet concreet gemaakt, en er zijn geen bekende problemen met veiligheid of operatie. Het principiële belang van NS bij naleving van de procedure is onvoldoende voor ontvankelijkheid.
Daarom verklaart de rechtbank de beroepen niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam op 2 mei 2019.
Uitkomst: De beroepen van NS Reizigers worden niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.