Eiseres kreeg vijf bestuurlijke boetes opgelegd wegens het in de handel brengen van onveilig speelgoed dat niet voldeed aan de Warenwet en de Europese Speelgoedrichtlijn. De rechtbank onderzocht of het speelgoed daadwerkelijk in de handel was gebracht en beoordeelde de leeftijdsclassificatie, veiligheidstests en technische documentatie.
De rechtbank oordeelde dat het enkel importeren en testen van het speelgoed 'Hit & Jump' zonder daadwerkelijke distributie geen 'in de handel brengen' vormt, waardoor de boete hiervoor niet standhield. Voor de andere producten zoals de 'Muziekdoos' en 'Parkeergarage' stelde de rechtbank vast dat zij onveilig waren voor kinderen jonger dan 36 maanden en dat eiseres tekort was geschoten in veiligheidsbeoordelingen en het overleggen van technische documentatie.
Daarbij werd erkend dat toezichthouders zich mochten baseren op niet-wettelijk bindende documenten voor leeftijdsclassificatie. De rechtbank matigde de boetes vanwege samenhang van overtredingen en stelde het totale boetebedrag vast op €4.200. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan eiseres toegewezen.