Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.Het geschil
3.De beoordeling
4.De beslissing
17 oktober 2018 om 14.30 uurzodat eiseres zich over het voornemen een prejudiciële vraag te stellen en de inhoud daarvan uit kan laten.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Eiseres, een zorgverzekeraar, vordert betaling van openstaande premies en incassokosten van gedaagde, die geen bekende woon- of verblijfplaats heeft maar een briefadres in Den Haag. Gedaagde is niet verschenen in het geding.
De dagvaarding is openbaar betekend aan de Officier van Justitie en aangekondigd in de Staatscourant, met een afschrift verzonden naar het briefadres van gedaagde. De kantonrechter twijfelt echter aan de rechtsgeldigheid van deze betekening en de bevoegdheid van de rechter op basis van het briefadres.
Daarom is besloten een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad te stellen over de vraag of een briefadres als gekozen woonplaats geldt volgens artikel 1:15 BW Pro, of exploten op dat adres betekend moeten worden, en of dit adres de exclusieve bevoegdheid van de rechter bepaalt. De zaak is aangehouden en eiseres krijgt gelegenheid zich over het voornemen uit te laten.
Uitkomst: De zaak is aangehouden en verwezen naar de rol voor het uitlaten over het voornemen tot het stellen van een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad.