ECLI:NL:RBROT:2016:5976
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens misbruik van Wob-procesrecht
Eiser heeft een Wob-verzoek ingediend bij meerdere overheidsinstanties, gericht op documenten over ingebrekestellingen en besluiten in de periode vanaf oktober 2009. Eiser stelde dit verzoek te doen in het kader van onderzoek naar Wob-repeatplayers.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde in juli 2016 dat het verzoek en het daarop volgende beroep niet gericht zijn op onderzoek, maar op het incasseren van proceskosten ten laste van de overheid. Dit duidt op misbruik van bevoegdheid en kwade trouw.
De rechtbank Rotterdam volgt dit oordeel en verklaart het beroep niet-ontvankelijk wegens misbruik van procesrecht. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Eiser en zijn gemachtigde zijn niet verschenen bij de zitting. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van procesrecht.