ECLI:NL:RBROT:2006:AZ8684
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Daalmeijer
- Havik
- Mul
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor internationale heroïnehandel en wapenbezit met inzet van politiële informanten
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte veroordeeld voor het opzettelijk buiten Nederland brengen van circa 30 kilogram heroïne, het bezit en de overdracht van diverse vuurwapens, patroonhouders, munitie en geluiddempers aan politiële informanten, en het aanwezig hebben van ongeveer 2,6 kilogram heroïne in een woning te Rotterdam.
Verdachte voerde verweren aan tegen de toepassing van bijzondere opsporingsbevoegdheden, waaronder stelselmatige inwinning van informatie en pseudokoop, alsmede tegen het gebruik van anonieme getuigenverklaringen van politiële informanten. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat de inzet van bevoegdheden rechtmatig was en dat de status van bedreigde getuigen niet leidde tot schending van verdedigingsrechten.
De rechtbank achtte het bewijs, waaronder verklaringen van politiële informanten, forensisch onderzoek en doorzoekingen, wettig en overtuigend. Verdachte werd vrijgesproken van één feit wegens onvoldoende bewijs. De strafmaat werd bepaald op tien jaar gevangenisstraf, rekening houdend met de ernst van de feiten, de maatschappelijke impact van drugs- en wapenhandel en de eerdere veroordelingen van verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf voor internationale heroïnehandel en wapenbezit met inzet van politiële informanten.