ECLI:NL:RBROT:2005:AS8823
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Eenmalige extra storting behoort tot heffingsgrondslag volgens Kostenregeling Pensioen- en Spaarfondsenwet
Eiseres, een ondernemingspensioenfonds, maakte bezwaar tegen een aanslag van €7.107,- opgelegd door de Pensioen- & Verzekeringskamer op grond van de Kostenregeling Pensioen- en Spaarfondsenwet 1993. De aanslag was gebaseerd op een heffingsgrondslag die naast periodieke premies ook een eenmalige extra storting van €3.040.000,- omvatte.
De rechtbank overwoog dat de wettelijke definitie van 'bijdrage' in de Pensioen- en Spaarfondsenwet geen onderscheid maakt tussen periodieke en eenmalige stortingen. De Kostenregeling volgt deze brede definitie en betrekt alle premies, inclusief eenmalige stortingen, in de heffingsgrondslag. Eiseres stelde dat de eenmalige storting niet als premie mocht worden meegeteld, maar dit werd verworpen.
Verder oordeelde de rechtbank dat de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid niet buiten zijn regelgevende bevoegdheid is getreden bij het vaststellen van de Kostenregeling en dat de regeling niet in strijd is met het evenredigheidsbeginsel. De aanvullende argumenten van eiseres over mogelijke dubbele heffing en billijkheid werden eveneens niet gehonoreerd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een vermindering van de aanslag af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door mr. R. Kruisdijk als voorzitter en mr. L.A.C. van Nifterick en mr. A.R. Hartmann als leden op 11 januari 2005.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de eenmalige storting tot de heffingsgrondslag behoort.