ECLI:NL:RBROT:2004:AR4867
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- R. Kruisdijk
- E.M. Havik
- L.J.J. Rogier
- Rechtspraak.nl
Vermindering boete voor onvergunde bemiddeling bij aantrekken gelden publiek
De zaak betreft een boete opgelegd door De Nederlandsche Bank namens de Minister van Financiën aan Boot Financial Coaching wegens overtreding van artikel 82, eerste lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 door onvergund bemiddelen bij het aantrekken van gelden van het publiek.
De rechtbank oordeelt dat de boeteoplegging terecht is, maar vernietigt het bestreden besluit omdat de boete mede gebaseerd is op een langere periode dan waarvoor eiseres aansprakelijk kan worden gehouden. De rechtbank stelt vast dat de overtreding plaatsvond tussen 21 augustus 2001 en 27 september 2001 en dat het bedrag van de bemiddelde gelden €333.528,44 bedraagt.
De rechtbank beoordeelt de bewijsvergaring als rechtmatig en wijst het beroep op het nemo tenetur-beginsel af. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat geen sprake is van een gedragslijn die alle overtreders gelijk behandelt.
Ten aanzien van de boetehoogte oordeelt de rechtbank dat de opgelegde boete van €87.125 onevenredig hoog is gezien het eigen vermogen van eiseres en andere omstandigheden. Daarom stelt zij de boete zelf vast op €4.538, het eigen vermogen van eiseres. Tevens worden de proceskosten aan verweerder opgelegd.
Uitkomst: De boete wegens onvergunde bemiddeling wordt vernietigd en vastgesteld op €4.538.