Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsmotivering
op mijn buik dan wel borst gedeelte. Zekers twee keer’. [slachtoffer 1] heeft verklaard dat hij toen verder naar achteren is gelopen, tot op de weg. Toen zag hij [verdachte] uit zijn woning komen. [verdachte] kwam ‘
als een gek’ op [slachtoffer 1] afgerend en heeft hem meerdere keren met een honkbalknuppel geslagen.
pas goed op’. Hij hoorde gebonk en lawaai. [verdachte] is vervolgens naar buiten gerend met een honkbalknuppel in zijn handen. Daarmee heeft hij [slachtoffer 1] twee keer geslagen op beide armen. Hij heeft niets meegekregen van ruzie tussen [slachtoffer 1] en [medeverdachte].
verder naar achteren gelopen, tot op de weg’. Daar heeft vervolgens de confrontatie met [verdachte] plaatsgevonden. De verklaring van getuige [getuige] ondersteunt dit. Uit het dossier blijkt niet dat [medeverdachte] en [verdachte] op enig moment hebben samengewerkt of dat zij een aandeel hebben gehad bij de confrontatie die de ander met [slachtoffer 1] had.
- de bekennende verklaring van verdachte tijdens de zitting op 21 mei 2026;
- het proces-verbaal van aanvullend verhoor aangever, pagina 20 tot en met 23. Dit is een door daartoe bevoegde personen opgemaakt proces-verbaal (in de zin van artikel 344, eerste lid onder 2, van het Wetboek van Strafvordering).
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
poging tot zware mishandeling
poging tot zware mishandeling
5.De strafbaarheid van verdachte
net een bunker’ is.
ik heb een waas gekregen en ben in de aanval gegaan’.
ik hoorde vervolgens een geluid wat erop lijkt dat er een klap wordt uitgedeeld. (..) Ik kon niet zien wie de veroorzaker was van de mogelijke klap die werd uitgedeeld.’ Op dat moment stopt de opname die aan de verbalisant is getoond. Dat [slachtoffer 2] kennelijk juist op dat moment stopt met filmen (of dat de verbalisant beelden van [slachtoffer 2] te zien heeft gekregen waarin is geknipt) roept vragen op. Dat, in combinatie met de omstandigheden dat [slachtoffer 2] onaangekondigd bij [verdachte] aan de deur kwam en dat die niet wist dat werd gefilmd, maakt dat de rechtbank de verklaring van [verdachte] aannemelijker acht. Daarom zal de rechtbank bij de beoordeling van het te bespreken beroep op noodweer (exces) uitgaan van de lezing van [verdachte] over wat zich in de woning heeft afgespeeld.
6.De op te leggen straf of maatregel
Het kan hier gaan om situaties van aanhoudende overlast doordat personen strafbare feiten plegen die de leefbaarheid in bepaalde wijken aantast (..). Tevens kan het gaan om een verdachte van een strafbaar feit, bijvoorbeeld eenvoudige mishandeling, die ernstig belastend gedrag jegens het slachtoffer of een getuige vertoont. In dergelijke situaties moet voorkomen worden dat de getuige of het slachtoffer ongevraagd op hinderlijke wijze met de verdachte dreigt geconfronteerd te worden’ (Kamerstukken II 2010/11, 32551, nr. 3, p. 6 en 7.). Omdat uit het dossier niet blijkt dat daarvan in dit geval sprake is, is de rechtbank in dat licht van oordeel dat een contactverbod niet noodzakelijk is.
7.De schade van benadeelden
8.De vorderingen tot tenuitvoerlegging
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
poging tot zware mishandeling
poging tot zware mishandeling
gevangenisstrafvoor de duur van 3
(drie) maanden;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de politierechter van deze rechtbank van 22 augustus 2022 voorwaardelijk opgelegde
gevangenisstrafvoor de duur van
zes weken;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de meervoudige kamer van deze rechtbank van 15 maart 2024 voorwaardelijk opgelegde
gevangenisstrafvoor de duur van
negen maanden.