ECLI:NL:RBOVE:2023:1010
Rechtbank Overijssel
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Vergoeding deskundigenkosten in bezwaarprocedure bestuursrechtelijke boetes Meststoffenwet
Eiser kreeg bestuurlijke boetes opgelegd wegens overschrijding van fosfaat- en stikstofnormen op grond van de Meststoffenwet. Na een uitspraak van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBB) werd het primaire besluit herroepen door verweerder. Eiser vorderde vergoeding van kosten voor het inschakelen van een deskundige in de bezwaarfase, welke verweerder weigerde te vergoeden.
De rechtbank beoordeelde dat de kosten van de deskundige deels betrekking hadden op de bezwaarfase en redelijkerwijs gemaakt moesten zijn. Kosten die betrekking hadden op de zienswijzefase of juridische werkzaamheden kwamen niet voor vergoeding in aanmerking. De rechtbank stelde vast dat eiser redelijkerwijs mocht verwachten dat de deskundige een relevante bijdrage zou leveren aan het geschil.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het bestreden besluit I niet-ontvankelijk omdat het primaire besluit was herroepen. Het beroep tegen het bestreden besluit II werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd voor zover het een lagere vergoeding toekende. De rechtbank stelde een vergoeding van € 4.486,50 vast voor de kosten van bezwaar, inclusief deskundigenkosten, en veroordeelde verweerder tot betaling van griffierecht en proceskosten in de beroepsfase.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van € 4.486,50 aan kosten van bezwaar inclusief deskundigenkosten, griffierecht en proceskosten.