Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
NNman komt het volgende naar voren:
Die toerekening is afhankelijk van de concrete omstandigheden van het geval, waartoe mede behoort de aard van de (verboden) gedraging. Een belangrijk oriëntatiepunt daarbij is of de gedraging heeft plaatsgevonden dan wel is verricht in de sfeer van de rechtspersoon. Een dergelijke gedraging kan in beginsel worden toegerekend aan de rechtspersoon. Van een gedraging in de sfeer van de rechtspersoon kan sprake zijn wanneer zich een of meer van de hiernavolgende omstandigheden voordoen, zo bepaalde de Hoge Raad in het Drijfmest-arrest [30] :
9.15van de omgevingsvergunning. Op 12 juli 2018 is er weliswaar door verbalisant [verbalisant 2] asbesthoudend materiaal aangetroffen maar het procesdossier verschaft niet in voldoende mate duidelijkheid over:
het accepterenvan asbesthoudend materiaal dat niet deugdelijk verpakt is volgens voorschrift
9.15van de omgevingsvergunning zal de rechtbank verdachte van dit onderdeel van de tenlastelegging vrijspreken.
Het klopt dat ik via [bedrijf 1] bestuurder ben van [Medeverdacht bedrijf 3] B.V. Alle inkomende accu’s zijn voor [Medeverdacht bedrijf 2] . Ik weet niet waarom op sommige nota’s contante inkoop [Medeverdacht bedrijf 3] B.V. staat. Mijn vader en mijn oom hadden niets met het kantoor. Samen met [getuige 3] moest ik zorgen dat het kantoor, waar de administratie gedaan werd, en het buitenterrein één werd. Ik kan mij voorstellen dat ik op kantoor als feitelijk leidinggevende werd gezien.’ [76]
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
200 (tweehonderd) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
100 dagen;