Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
hoofdelijkebetaling van de schadevergoeding vordert. Hoewel in het petita de hoofdelijkheid niet expliciet is opgenomen, is deze wel telkens in het lichaam van de dagvaardingen verwoord. De rechtbank leest de petita daarom in het licht van de inhoud van de dagvaardingen en zal de vorderingen hoofdelijk toewijzen, nu de schade slechts eenmaal kan worden vergoed.
civielrechtelijkezin heeft deelgenomen aan gedragingen in groepsverband.
mogelijkvoor een deel van de schade aansprakelijk is. [gedaagde in HA ZA 25-489] verklaart immers zelf dat hij een steen heeft gegooid in de richting van de ME. De gemeente heeft echter onvoldoende concreet gemaakt welke gedragingen tezamen één groepsverband vormden, waarom die gedragingen als één groepsverband moet worden aangemerkt, waarom [gedaagde in HA ZA 25-489] tot dàt groepsverband behoorde en welke schade zij als gevolg van de gedragingen van dat specifieke groepsverband heeft geleden. Het is niet aan de rechtbank om, op basis van een globale duiding van “rellen” gedurende de gehele dag, zelfstandig een schadeveroorzakend groepsverband te construeren en daaraan aansprakelijkheid te koppelen.