Beoordeling door de rechtbank
3. De rechtbank beoordeelt allereerst of het beroep ontvankelijk is. Als dat zo is, dan beoordeelt de rechtbank daarna de afwijzing van de aanvraag.
Over de ontvankelijkheid van het beroep
4. De Dienst heeft in zijn verweerschrift naar voren gebracht dat eiseres in het beroepschrift slechts heeft herhaald wat zij in haar bezwaarschrift heeft aangevoerd. Daarop heeft de Dienst al gereageerd in het bestreden besluit. Het is aan eiseres om aan te geven op welke onderdelen van dat besluit zij het niet eens is. Volgens de Dienst bevat het beroepschrift daarom geen gronden. Zij verwijst daarbij naar een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland.Daarom moet het beroep van eiseres niet-ontvankelijk worden verklaard, aldus de gemachtigde van de Dienst ter zitting.
5. De rechtbank volgt de Dienst daarin niet. Eén van de hoogste bestuursrechters, de Centrale Raad van Beroep (CRvB), heeft bepaald dat er geen hoge eisen worden gesteld aan de motivering van een beroepschrift.Voorwaarde is wel dat deze een concrete beroepsgrond moet bevatten. Daarmee wordt bedoeld dat duidelijk moet zijn op welk(e) punt(en) eiseres het niet eens is met het bestreden besluit. Eiseres heeft naar het oordeel van de rechtbank onmiskenbaar duidelijk gemaakt waarom zij het niet eens is met het bestreden besluit. Dat de strekking van haar bezwaarschrift hetzelfde is als het beroepschrift, doet daaraan niet af. Voorgaande is naar het oordeel van de rechtbank voldoende om het beroep ontvankelijk te achten en tot een inhoudelijke beoordeling van het beroep over te gaan. Voor de goede orde merkt de rechtbank nog op dat de rechtbank Midden-Nederland in zijn uitspraak niet heeft geoordeeld dat het beroepschrift geen gronden bevatte.
Over de afwijzing van de aanvraag
6. In de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht) is bepaald dat diegene die schade heeft geleden door de toeslagenaffaire daarvoor compensatie kan aanvragen bij de Dienst.Een aanvraag moest worden ingediend vóór 2 januari 2024.Eiseres heeft haar aanvraag op 4 april 2024 ingediend, dus te laat.
7. Eiseres voert aan dat de Dienst haar aanvraag toch inhoudelijk in behandeling had moeten nemen. Kort samengevat wijst zij erop dat zich enkele zeer ingrijpende gebeurtenissen in haar leven hebben voorgedaan. Daardoor wordt zij voortdurend blootgesteld aan stress waardoor bij haar sprake is van een ernstige psychische aandoening. Vanwege de ingrijpende gebeurtenissen kijkt zij geen televisie en gebruikt zij ook geen social media. Daardoor heeft zij pas later (van een vriendin) vernomen van de toeslagenhersteloperatie en heeft zij zich zo laat bij de Dienst aangemeld.
8. Volgens de Dienst heeft eiseres onvoldoende aangetoond dat in haar geval sprake is van bijzondere omstandigheden waardoor het voor haar niet mogelijk was om zich tijdig voor een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag aan te melden. Zo is niet gebleken dat in 2023 bij eiseres een ernstige psychische aandoening is vastgesteld of dat zij in dat jaar voor die aandoening een intensieve behandeling heeft gekregen. Ook is bijvoorbeeld niet gebleken dat haar kinderen in 2023 ernstig ziek zijn geworden of dat zij in dat jaar voor die ziekte intensief zijn behandeld. De wetgever heeft bewust gekozen voor een ruime aanmeldtermijn van drieënhalfjaar. De mogelijkheid van aanmelden is op verschillende manieren onder de aandacht van ouders gebracht. De Dienst ziet geen aanleiding voor toepassing van de hardheidsclausule. Op de zitting heeft de gemachtigde van de Dienst zich op het standpunt gesteld dat eiseres in staat moest worden geacht om zich tijdig bij de Dienst te melden, omdat zij hulp van [naam] ontving. Verder was de wijze van melden laagdrempelig: het kon ook telefonisch. Tenslotte heeft hij opgemerkt dat de te late aanmelding op twee gedachten lijkt te hinken: zodra zij op de hoogte raakte van de hersteloperatie, heeft zij zich meteen aangemeld.
9. De rechtbank merkt op dat in de Wht een hardheidsclausule is opgenomen.Deze maakt het mogelijk om van voormelde termijn af te wijken, indien het vasthouden aan die termijn leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Deze hardheidsclausule is bedoeld voor niet precies te voorziene gevallen. Het is aan de Dienst om te beoordelen of sprake is van bijzondere omstandigheden die ertoe leiden dat de hardheidsclausule moet worden toegepast.
10. Volgens vaste rechtspraakvan de hoogste rechter in dit soort zaken kan de hardheidsclausule worden toegepast in bijzondere situaties, waarbij toepassing van de bepaling onbillijk uitpakt of wanneer sprake is van schrijnende omstandigheden waardoor toepassing van de wettelijke bepaling achterwege moet blijven. Bij schrijnende omstandigheden kan worden gedacht aan serieuze en structurele financiële nood, aan ernstige medische omstandigheden, of aan andere ontwrichtende persoonlijke omstandigheden. Daarbij gaat het niet zozeer om omstandigheden die zich hebben voorgedaan in de periode waarin de toeslagaffaire zich voltrok en die vanzelfsprekend in veel gevallen schrijnend zijn geweest. Het moet gaan om actuele omstandigheden die samenhangen met (de gevolgen van) een weigering van de aanvraag. De hardheidsclausule is een uitzondering op de gebruikelijke regel. Dit betekent dat degene die een beroep daarop doet, in ieder geval inzichtelijk moet maken waar de bijzonderheid of schrijnendheid in zijn of haar situatie uit bestaat en dit zo concreet mogelijk moet onderbouwen.
11. Eiseres heeft haar persoonlijke omstandigheden op 27 juni 2024 bij de Dienst toegelicht. Zij heeft onder andere verteld dat haar partner in 2017 voor haar ogen van het leven is beroofd. Sindsdien voelt zij zich permanent zeer onveilig en heeft zij flashbacks en nachtmerries. Volgens de GGZ lijdt zij waarschijnlijk aan PTSS. Zij zou in therapie daarvoor moeten gaan, maar dat gaat niet omdat zij zo onrustig is. Ook heeft zij last van allerlei lichamelijke kwalen. Haar oudste zoon van 21 heeft autisme en is moeilijk handelbaar. Haar zoon van 7 jaar wordt getest op ADHD, omdat hij heel druk is. Zij kijkt geen televisie en zit ook niet vaak op sociale media omdat zij dan dingen ziet die haar herinneren aan de gebeurtenis in 2017. Zij raakte daarom pas op de hoogte van de hersteloperatie van een vriendin, die dezelfde dingen met de Dienst heeft meegemaakt. Daarna heeft zij zich bij de Dienst als slachtoffer gemeld. Op de zitting heeft eiseres meegedeeld dat dit in dezelfde week was dat zij over de hersteloperatie hoorde.
12. De Dienst betwist deze feiten en omstandigheden niet. De rechtbank stelt vast dat deze feiten ook in ruime mate door een huisartsenjournaal worden ondersteund. Daaruit blijkt ook dat eiseres voor de zorg voor haar zoons, die haar zwaar valt, ook hulp van [naam] krijgt.
13. De rechtbank vindt het aannemelijk dat deze feiten en omstandigheden tot op heden het leven van eiseres ingrijpend beïnvloeden en dat de hersteloperatie eiseres daardoor is ontgaan. Het valt daarom alleszins te begrijpen dat eiseres zich te laat heeft aangemeld. De rechtbank volgt de Dienst niet in de opvatting dat de te late aanmelding op twee gedachten lijkt te hinken: eiseres heeft namelijk uitgelegd dat zij door haar persoonlijke omstandigheden geen televisie kijkt en niet vaak op sociale media zit, en op andere wijze op de hoogte is geraakt van de hersteloperatie. De rechtbank merkt verder op dat eiseres mogelijk slachtoffer van de toeslagenaffaire is. De regering heeft erkend dat de slachtoffers ongekend leed is toegebracht. Doel van de hersteloperatie is om recht te doen aan mensen die onrecht is aangedaan en het toegebrachte leed te compenseren. Alles afwegende vindt de rechtbank het niet inhoudelijk in behandeling nemen van de aanvraag vanwege een termijnoverschrijding van drie maanden niet opwegen tegen het belang dat eiseres heeft bij een inhoudelijke herbeoordeling, namelijk erkenning als slachtoffer van de toeslagenaffaire en compensatie voor het daardoor ontstane leed. De rechtbank weegt hierbij mee dat eiseres zich alsnog zo spoedig mogelijk bij de Dienst heeft gemeld nadat zij bekend raakte met de herstelactie. Gelet op de door eiseres genoemde ontwrichtende persoonlijke omstandigheden zou het niet inhoudelijk in behandeling nemen van de aanvraag naar het oordeel van de rechtbank een schrijnende situatie opleveren.
14. Alles overziende is dus sprake van een bijzondere situatie en had de Dienst met toepassing van de hardheidsclausule de aanvraag inhoudelijk moeten behandelen.
15. Vanwege de hierna te bespreken conclusie en gevolgen ziet de rechtbank geen aanleiding om de overige beroepsgronden te bespreken.