AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Beroep tegen besluiten van het Uwv inzake WW-uitkering en maatregel
In deze uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland, gedateerd 27 november 2025, zijn de beroepen van eiser tegen besluiten van het Uwv over zijn WW-uitkering en de opgelegde maatregel aan de orde. Eiser was werkzaam via een oproepcontract en heeft op 3 oktober 2023 een aanvraag voor een WW-uitkering ingediend, waarbij hij stelde dat zijn werkloosheid op 27 februari 2023 was ingetreden. Het Uwv heeft echter de eerste werkloosheidsdag vastgesteld op 24 april 2023, wat leidde tot een WW-uitkering die per 24 augustus 2023 werd beëindigd. Eiser was het niet eens met deze besluiten en voerde verschillende beroepsgronden aan, waaronder de onjuistheid van de vastgestelde eerste werkloosheidsdag en de hoogte van de WW-uitkering. De rechtbank oordeelde dat het Uwv de besluiten op juiste wijze had genomen en dat eiser geen gelijk kreeg. Wel werd bepaald dat het Uwv het griffierecht en reiskosten van eiser moest vergoeden, omdat het Uwv op de zitting pas een nadere motivering had gegeven over de fictieve opzegtermijn. De rechtbank concludeerde dat de beroepen ongegrond waren en dat de bestreden besluiten in stand bleven.
Voetnoten
1.Werkloosheidswet.
2.Loon sociale verzekeringen.
3.Algemene wet bestuursrecht.
4.Dagloonbesluit werknemersverzekeringen.
5.Dit is de periode van één jaar die eindigt op de laatste dag van het tweede aangiftetijdvak voorafgaande aan het aangiftetijdvak waarin het arbeidsurenverlies is ingetreden.
7.De formule voor het berekenen van het dagloon van de WW uitkering is: (A - B + C) / D.
8.Het Uwv heeft hiervoor verwezen naar artikel 24 van het Dagloonbesluit.
9.Algemeen inkomensbesluit socialezekerheidswetten.
10.Wet financiering sociale verzekeringen.
13.Stb. 2016, 390.
14.Op grond van artikel 3, eerste lid, van de Beleidsregel maatregelen Uwv (Beleidsregel).
15.Maatregelenbesluit socialezekerheidswetten.
16.Op grond van artikel 5, eerste lid, van de Beleidsregel.
17.Dit staat in artikel 1, aanhef en onder d, van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb), samen met artikel 2, eerste lid, onder d, van het Bpb in combinatie met artikel 11, eerste lid, onder d, van het Besluit tarieven in strafzaken.