Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Aan verdachte is in de zaak met parketnummer 18-161440-25 ten laste gelegd dat:
- haar onverhoeds aan te vallen en/of
- meermalen met gebalde vuisten in het gezicht te slaan/stompen en/of
- haar aan de haren te trekken en/of
- haar ten val te brengen en/of naar de grond te brengen en/of
- haar te slaan/stompen terwijl zij op de grond lag;
- haar onverhoeds aan te vallen en/of
- meermalen met gebalde vuisten in het gezicht te slaan/stompen en/of
- haar aan de haren te trekken en/of
- haar ten val te brengen en/of naar de grond te brengen en/of
- haar te slaan/stompen terwijl zij op de grond lag;
Inleiding
Beoordeling van het bewijs
de rechtbank begrijpt: kreeg ik opdracht) om te gaan naar de [adres] . Aldaar zou melder een persoon in zijn buik hebben gestoken uit zelfverdediging. Melder zou hebben aangegeven de persoon niet te willen reanimeren en zou in de deuropening staan van de voordeur. Bij het genoemde adres zag ik een persoon in de deuropening staan. Later bleek dit te gaan om [verdachte] Ik zag dat haar voeten onder het bloed zaten.
de rechtbank begrijpt: in [plaats]). (..) Er werd deze ochtend om 06:00 uur aangebeld en toen kwam deze man langs. En werd vervelend. (..)
de rechtbank begrijpt: geen operatief ingrijpen)
- haar onverhoeds aan te vallen en
- meermalen met gebalde vuisten in het gezicht te stompen en
- haar aan de haren te trekken en
- haar ten val te brengen en naar de grond te brengen en
- haar te slaan terwijl zij op de grond lag;
“toen een mes heeft gepakt”en hem moest steken. In dit verband wijst de rechtbank ook op een citaat uit (het begin van) het eerste verhoor van verdachte:
“op een bepaald moment probeerde hij mij om te brengen, tot ik het mes zag en stak ik hem neer.”Ook dit wijst er niet op dat verdachte eerst door [slachtoffer 1] werd aangevallen dan wel bedreigd met het mes, maar op het zelf pakken van het mes.
Motivering van de straf en maatregel
Benadeelde partijen
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
een gevangenisstraf voor de duur van negen jaren.
[slachtoffer 2] [personeelsnummer]te betalen:
- het bedrag van 8.149,55 (zegge: achtduizendhonderdnegenenveertig euro en vijfenvijftig eurocent);
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 27 april 2025 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op nihil.
[slachtoffer 2] [personeelsnummer]aan de Staat te betalen een bedrag van 8.149,55 (zegge: achtduizendhonderdnegenenveertig euro en vijfenvijftig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 april 2025 tot de dag van algehele voldoening. Dit bedrag bestaat uit 1.649,55 aan materiële schade en