ECLI:NL:RBNNE:2023:5125
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling definitieve NOW-1 subsidie en terugvordering bij concernomzetdaling
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de vaststelling van de definitieve subsidie op grond van de NOW-1 regeling en de terugvordering van een deel van het voorschot. De minister had de subsidie vastgesteld op basis van een gezamenlijke omzetdaling van het concern, waarbij eiseres onderdeel uitmaakt, en niet op basis van het individuele omzetverlies van eiseres.
De rechtbank oordeelt dat eiseres terecht als onderdeel van een concern is aangemerkt volgens de definities in het Burgerlijk Wetboek. De gekozen systematiek van omzetbepaling op concernniveau is legitiem en volgt uit de noodzaak van een generieke regeling met als doel het behoud van werkgelegenheid. De rechtbank vindt dat de minister bevoegd was de subsidie lager vast te stellen en dat het financiële nadeel voor eiseres niet onevenredig is.
Hoewel de minister in het bestreden besluit geen belangenafweging heeft gemaakt, wordt dit gebrek gepasseerd omdat de minister deze afweging alsnog heeft gegeven en het belang van eiseres niet zwaarder weegt dan dat van de minister. Het beroep wordt ongegrond verklaard, met vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiseres.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de vaststelling van de subsidie en terugvordering blijven in stand.