ECLI:NL:RBNNE:2016:3744
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde en aanslag OZBG vakantiepark als één niet-woning
De rechtbank Noord-Nederland behandelde het beroep van eiseres tegen de WOZ-waardebepaling en de aanslag onroerendezaakbelasting gebruiker (OZBG) voor een vakantiepark per 1 januari 2013. Eiseres voerde aan dat de recreatiewoningen als woningen moesten worden aangemerkt en afzonderlijk gewaardeerd, waardoor de aanslag onterecht was opgelegd. Verweerder stelde dat het gehele vakantiepark als bedrijfsobject moest worden gezien, waarbij de recreatiewoningen niet als woningen kwalificeren.
De rechtbank oordeelde dat het vakantiepark als één geheel moet worden aangemerkt en gewaardeerd volgens artikel 16 onderdeel Pro e van de Wet WOZ, waarbij de recreatiewoningen niet als woningen worden beschouwd. Eiseres is als exploitant aan te merken als gebruiker in de zin van de OZB, zodat de aanslag terecht is opgelegd. De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres over de woondelenvrijstelling.
Met betrekking tot de WOZ-waarde concludeerde de rechtbank dat noch verweerder noch eiseres hun voorgestelde waardes voldoende aannemelijk hadden gemaakt. De rechtbank stelde daarom de waarde schattenderwijs vast op €2.050.000. De uitspraak op bezwaar werd vernietigd en de aanslag OZBG dienovereenkomstig verminderd. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: De WOZ-waarde van het vakantiepark wordt vastgesteld op €2.050.000 en de aanslag OZBG aan eiseres als gebruiker is terecht opgelegd.