Betrokkene kreeg een boete van €120 voor het negeren van een geslotenverklaring op de Herenweg in Alkmaar. De boete werd digitaal gehandhaafd met camera’s, waarvoor het parket instemde. Betrokkene voerde aan dat er geen vooraankondigingsborden waren en dat de boete onterecht was vanwege een vermeende fuik en onvoldoende communicatie.
De rechtbank oordeelde dat er voldoende bewijs was, waaronder foto’s en schouwrapporten die de aanwezigheid en controle van bebording bevestigen. De digitale handhaving was rechtmatig, ondanks een kortere waarschuwingsperiode dan gebruikelijk, omdat de overtreding ruim na deze periode plaatsvond.
Verder concludeerde de rechtbank dat er geen sprake was van een fuik, omdat bestuurders eenvoudig konden keren en er meerdere vooraankondigingsborden aanwezig waren. De communicatie naar omwonenden was adequaat via diverse kanalen. De boete was duidelijk en kenbaar, en het risico van onoplettendheid lag bij betrokkene.
Er was geen reden voor matiging van de boete, ook niet vanwege opeenstapeling van boetes. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.