ECLI:NL:RBNHO:2020:8774
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende onderzoek naar dringende reden voor verwijtbare werkloosheid WW-uitkering
Eiser werkte 18 jaar bij zijn werkgever, werd buiten functie gesteld na verdenking van diefstal en trad later in dienst bij een ander bedrijf. Zijn dienstverband werd beëindigd na een gerechtelijke procedure. UWV stelde vast dat eiser verwijtbaar werkloos werd geacht en weigerde uitbetaling van WW-uitkering. Eiser voerde aan dat UWV onvoldoende onderzoek had gedaan en feiten eenzijdig interpreteerde.
De rechtbank stelt vast dat UWV onvoldoende rekening heeft gehouden met alle omstandigheden, zoals de aard en ernst van de gedragingen, de beoordeling door de werkgever, de persoonlijke omstandigheden van eiser en zijn functioneren. UWV heeft onvoldoende gemotiveerd waarom sprake zou zijn van een dringende reden voor ontslag.
De rechtbank draagt UWV op binnen zes weken het gebrek te herstellen door nader onderzoek en motivering. Tot die tijd wordt verdere beslissing aangehouden. Tegen deze tussenuitspraak staat nog geen hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank houdt de verdere beslissing aan en geeft UWV gelegenheid het gebrek in het besluit te herstellen.