ECLI:NL:RBNHO:2020:11433
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tegemoetkoming NOW wegens ZW-uitkering als loon uit vroegere dienstbetrekking
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming in loonkosten op grond van de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW). Deze aanvraag is door verweerder afgewezen omdat eiseres geen loonkosten had in de relevante maanden en de ZW-uitkeringen die zij als eigenrisicodrager betaalt na beëindiging van een dienstbetrekking worden aangemerkt als loon uit vroegere dienstbetrekking.
De kern van het geschil is of deze ZW-uitkeringen als loon uit tegenwoordige dienstbetrekking kunnen worden beschouwd, zodat zij in aanmerking komen voor de NOW-regeling. De rechtbank volgt het standpunt van verweerder en baseert zich op vaste jurisprudentie van de Hoge Raad en de Centrale Raad van Beroep, waarin wordt gesteld dat loon uit tegenwoordige dienstbetrekking een rechtstreekse beloning moet zijn voor verrichte arbeid in een bepaald tijdvak. De ZW-uitkeringen zijn een vergoeding voor eerder verrichte arbeid en vormen geen directe tegenprestatie.
Eiseres heeft aangevoerd dat de ZW-uitkeringen wel degelijk onder het loonbegrip vallen, met verwijzing naar de Wet financiering sociale verzekeringen en latere versies van de NOW-regeling. De rechtbank acht deze argumenten onvoldoende om het bestreden besluit te vernietigen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van verweerder blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming NOW blijft gehandhaafd.