Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 16 oktober 2019 in de zaak tussen
[X] , wonende te [Z] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
De (toename van de) rekening-courantschuld in eerdere jaren moet als in die jaren genoten dividend worden aangemerkt. Een vastlegging waaruit blijkt dat sprake is van een lening in fiscale zin met rentebetaling, aflossingsschema en het stellen van zekerheden ontbreekt. Verder stelt gemachtigde dat afkoop van het pensioen in eigen beheer uiterlijk al in het jaar 2008 heeft plaatsgevonden. Erkend wordt dat [B] B.V. in dat jaar wel over voldoende dekkingsvermogen voor deze verplichting beschikte. Eiser concludeert tot gegrondverklaring van het beroep, vernietiging van de uitspraak op bezwaar en vermindering van de aanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen van € 28.039, te belasten tegen een tarief van 25 percent, met vergoeding van proceskosten rechtens.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vernietigt de verzuimboete groot € 226;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.278;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 46 aan eiser te vergoeden.