Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
1.Verloop van de (verdere) procedure
- NN is als SVI-verzekeraar gehouden om de letselschade van [verzoeker] als gevolg van het ongeval te dragen.
- Op grond van artikel 7:959 lid 1 BW Pro komen ook de kosten tot het vaststellen van de schade voor rekening van NN. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat in dat artikel aansluiting is gezocht bij (thans) artikel 6:96 lid Pro 2, aanhef en onder b, BW. Zie ook arrest van de HR van 9 september 2022, ECLI:NL:HR:2022:1174.
- In artikel 2.3 van de polisvoorwaarden van NN staat dat de schade wordt vastgesteld zoals omschreven in boek 6 van het BW. Op grond van artikel 6:96 lid 2 BW Pro vallen hier ook onder alle redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid.
- Er is voldaan aan de voorwaarden die de Hoge Raad heeft gesteld voor welke kosten in aanmerking komen voor vergoeding ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid (ECLI:NL:HR:2015:586 en ECLI:NL:HR:2003:AF7423). Een psychiatrische expertise was een noodzakelijke vervolgstap om de ongevalsgevolgen vast te stellen en een volgende stap te maken in het vaststellen van de schade. En zowel de medisch adviseur van [verzoeker] als neuropsycholoog [A] adviseerden om een psychiatrische expertise in gang te zetten.
- Uit het rapport van psychiater Neumann blijkt dat zij meent dat er op basis van de anamnese sprake is van een indirect verband tussen de klachten en het ongeval in 2015. De psychische klachten zijn volgens haar later ontstaan en zijn mede een gevolg van een reeds langer bestaande persoonlijkheidsstructuur, maar volgens [verzoeker] doet dat niets af aan het causaal verband tussen de klachten en het ongeval, nu in het aansprakelijkheidsrecht geldt: “the tortfeasor takes the victim as he finds him.”
2.De beoordeling
als gevolg vanhet ongeval te vergoeden. Niet omdat NN de aansprakelijke partij is, maar omdat de SVI dekking biedt voor schade die [verzoeker] als gevolg van het ongeval heeft gehad. Uit de door dr. Neumann verrichte expertise volgt (nog) geen eenduidige conclusie. Dr. Neumann heeft in haar rapport aangeven dat er een
indirectverband kan worden gelegd tussen de klachten enerzijds en het ongeval in 2015 anderzijds. De psychische klachten zijn pas later ontstaan en zijn mede het gevolg van een reeds langer bestaande persoonlijkheidsstoornis. Met deze stand van zaken en gelet op de eerdere overweging dat het de rechtbank in deze fase van de procedure niet past conclusies over de aansprakelijkheid te trekken, kan niet worden gezegd wie nu de ‘verliezende partij’ is. De rechtbank zal daarom op dit moment niet afwijken van de hoofdregel van artikel 195 Rv Pro dat de verzoekende partij de kosten moet dragen. Dat betekent dat de kosten van het onderzoek door de deskundige door [verzoeker] betaald moeten worden.